Stork, Familie

Uit FamilieWiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Over de Storken, een Westfaals geslacht dat begin 18e eeuw in Twente neerstrijkt. Is Johan Philip, chirurgijn, de vroegste telg of toch Wilhelm Storck, kamerdienaar van de graaf van Tecklenburg? In spincentrum Oldenzaal, met zijn textielwerkplaatsen en linnenhandelaren, zijn Gerhard en later zijn zoon Jurriaan burgemeester. Jurriaan is ook postkantoordirecteur, gaat de textiel in en begint met kompanen een bombazijnfabriek. Zijn zoon Derk Willem Stork, postkantoordirecteur en rijksontvanger, doet ook textiel erbij; op latere leeftijd drijft hij een kleine handweverij. Zijn zonen zijn ondernemend; de jonge Charles Theodorus is niet in de wieg gelegd voor leren, en begint als jongste ondernemer ooit (13) aan een bedrijf dat later uitgroeit tot een multinational; Machinefabriek Gebr. Stork. De dochters huwen goede families.
Voorvader Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737 - 1823), stamvader van de 'Twentse tak'. Afbeelding uit het boek Het geslacht Stork van 1916.
Afstamming: hoe de families in elkaar oplossen naar boven toe
Ekker
Stork
Craan von Döhren

Deze pagina beschrijft de voorouders van Anna Wilhelmina (Mina) Stork (1826), dochter van Derk Willem Stork (1788), en grootmoeder van Elizabeth Frederika (Bob) Ekker.

Door haar huwelijk met Hendrik Jan Ekker (1830) verdwijnt de achternaam Stork bij haar verdere nakomelingen.

Inhoud

Ooivaar met groene paling

Het wapen van de familie Stork met een prominente ooievaar, oftewel een stork, als glas-in-loodraam in de kerk van Het Stift in Weerselo.

Het wapen van de familie Stork heeft een ooievaar als helmteken. Stork is een gewestelijke naam voor ooiveaar; de term komt ook voor in het Engels en in enkele Scandinavische talen. De ooievaar in het wapen van Stork figureert in zijn natuurlijke kleur met een groene paling in de snavel. Dekkleden zijn goud en zilver. Den Haag heeft ook een ooievaar als stadswapen, maar de paling in de bek is van sabel (zwart).

In de kerk van Het Stift in Weerselo, waar Gerrit Willem Stork (1773) zoon van Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737 predikant was, is een kleurrijk glas-in-loodraam aangebracht met de prominente ooievaar als wapen. Het complex stamt af van een voormalig Benedictijnen-klooster uit de 12e eeuw en werd vanaf de 14e eeuw een stift (stichting), waar ongehuwde dames van adel woonden.

De vroege Storken

De Storken stammen uit een Westfaals geslacht dat begin 18e eeuw in Twente is neergestreken. Lang was alleen Johan Philip Stork (ca. 1670) uit Ibbenbüren de vroegste telg.

In 1999 vindt men een vroeger spoor van zijn vader, mogelijk Wilhelm Storck, kamerdienaar van de graaf van Tecklenburg, vóór 1678 gehuwd met Magdalena of Marlena Freudenhammer. Wimersma Greidanus vermeldt daarover (fragment uit De Nederlandsche Leeuw 2000, jaargang 117):

Hans Adolf, Graf zu Bentheim-Tecklenburg (1674 - 1704), waar Wilhelm Storck mogelijk kamerdienaar van was. Gezien zijn haartooi zou de naam Graf zu Poedelburg passender geweest zijn.
(...) Wie was nu de vader van Jan Philip Stork, die circa 1670 moet zijn geboren? Dit zal, vrees ik, bij gebrek aan bronnenmateriaal onzeker moeten blijven, maar er bestaat wel een sterk vermoeden. Op het eerste huis in de Brunnengasse te Tecklenburg staat namelijk links boven de deur geschreven: Wilhelm Storck Camerdiener anno 1669. Hij heeft het huis blijkbaar in dat jaar laten bouwen, mogelijk ter gelegenheid van zijn huwelijk.
Deze Wilhelm Storck, kamerdienaar van de graaf van Tecklenburg, liet aldaar kinderen dopen in 1681, 1683, 1685 en 1687; eerdere doopinschrijvingen zijn niet bewaard gebleven. Bij de doop op 1 juli 1681 (waarbij graaf Hans Adolf van Tecklenburg en gravin Charlotte als getuigen optraden) en die op 5 augustus 1683 wordt als naam van zijn vrouw vermeld: N. Freudenhammer. In haar herkennen wij "vrou Storcks tot Tecklenborg", die in 1693 te Ibbenbüren getuige zal zijn geweest bij de doop van haar eerste kleinkind.

Johan Philip Stork (ca. 1670)

Johan Philip Stork, mogelijk de zoon van Wilhelm Storck, is geboren tussen 1664 en 1670 in Ibbenbüren. Hij huwt tweemaal. Zijn eerste vrouw is Anna Catharina Grothaus, dochter van Johann Grothaus en Catharina Agnes von Bippen, geboren in 1671. Ze huwen in 1692 in Cappeln, Duitsland. Zij krijgen 10 kinderen waarvan 6 vroeg overlijden; Albert, Johan Adolf, Eberwin Conrad, Adelheid Margaretha, Johann Abraham en Johann Philip. De kinderen die de volwassenheid bereiken;

Johan Philip Stork, chirurgijn, is de eerste Stork die zich vestigt in Nederland, Oldenzaal, in 1717. Zicht op Oldenzaal. Prent uitgegeven door Bouttats in 1674.
  1. Magdalena Sybilla Stork (1693 - 1694, beiden Ibbenbüren)
  2. Gerhard Wilhelm Stork (1695, Ibbenbüren - 1776, Oldenzaal)
  3. Anna Maria Clara Stork (1698)
  4. Philip Frederik Stork (1712, Oldenzaal)

Ca. een jaar nadat Anna overlijdt op een leeftijd van 42 jaar (1713) huwt hij Wilhelmina Geertruid Potken in Gronau. Hij is de eerste Stork die zich vestigt in Nederland; hij verhuist in 1714 als weduwnaar met zijn twee zoons in Oldenzaal, waar hij op 18 januari 1717 het burgerschap verkrijgt. Vijf kinderen zijn bekend van Johan Philip Stork met Wilhelmina Geertruid Potken.

Het vroege Oldenzaal. Kaart uitgegeven door Nicolaas ten Have in 1648.

Johan Philip Stork overlijdt in 1730 in Oldenzaal, zijn tweede vrouw in 6 jaar eerder in 1724. Johan Philip is chirurgijn in Oldenzaal. Het kenniscentrum discriminatie meldt daarover onder 'Migratiegeschiedenis in beeld':

(...) Oldenzaal had zich in het laatste kwart van de 18e eeuw ontwikkeld tot een belangrijk spincentrum. Ook Johann Philip Storck uit Ibbenbüren legt voor hem en zijn kinderen in 1714 (SIC: moet zijn 1717) de burgerschapseed van Oldenzaal af.
Zijn tweede vrouw, Wilhelmina Potken, was een Oldenzaalse. Uit 18e eeuwse archiefstukken blijkt dat de Westfaalse familieleden moeite doen hun huwbare zonen, vaak handelaren in linnen, uit te huwelijken aan Oldenzaalse huwbare vrouwen.

Gerhard Wilhelm Stork (1695)

Gerhard Wilhelm Stork, zoon van Johan Philip Stork (ca. 1670) wordt gedoopt in 1695 in Ibbenbüren. Hij huwt Agneta Potken, dochter van Gabriel Potken en Agneta Muntz. Zij is geboren in 1694. Van ca. 12 kinderen behalen er 8 de volwassenheid. Gebeurtenissen spelen zich af in Oldenzaal tenzij anders vermeld.

Grafstenen van Gerard Willem Stork en zijn vrouw Agneta Potken. Afbeelding uit het boek Het geslacht Stork van 1916.
  1. Johan Philip Stork (1719-1785, Colombo), huwt tweemaal; 1) Bastiana, 2) Petronella Elisabeth Fabricius in 1770. Johan Philip ging als onderkoopman van de Oost-Indische Compagnie naar Ceylon uit wien een in Engels Indië een bloeiende tak zal voortkomen.
  2. Agneta Stork (1723 - 1772), huwt een andere voorvader; Jan Weeling (geboren 1727) in 1748. Hun kleindochter Frederika Altena huwt Evert Ekker (1793.
  3. Balster/Baltzer Stork (1725 - 1810, Amsterdam), huwt tweemaal; 1) Johanna Rottingh in 1751, 2) Apollonia Outshoorn in 1753. Deze Stork brengt de zgn. Amsterdamse tak voort.
  4. Aleida Catharina Stork (1729), huwt Gisbert Wynant Bringenberg in 1761
  5. Anna Elisabeth Stork (1732 - 1820, Amsterdam), huwt Jan Brummelkamp in 1754.
  6. Sophia Magdalena Stork ( 1734 - 1802, Uelsen, Duitsland), huwt Lubbertus Stuirman in 1773.
  7. Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737 - 1823), stamvader van de 'Twentse tak'. Hij huwt Henriëtta Rosina Dorothea von Döhren.
  8. Maria Stork (1741), huwt Gerrit Bos.

Gerhard is in 1728 burgemeester en later Verwalter van het Landgericht van Oldenzaal. Hij overlijdt in 1776 in Oldenzaal op 81-jarige leeftijd, zijn vrouw 7 jaar eerder in 1769 als ze 75 jaar oud is.

Van Gerard Willem Stork en zijn vrouw Agneta Potken zijn grafstenen bewaard gebleven. Nadat in 1810 de Plechelmikerk te Oldenzaal aan de Rooms-Katholieken werd teruggegeven, zijn de daar geplaatste stenen overgebracht naar de nieuwgebouwde Hervormde Kerk, waar ze op een grasveld naast de kerk zijn neergelegd.

Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737)

Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737). Afbeelding uit het boek Het geslacht Stork van 1916.

Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork is geboren in 1737 in Oldenzaal, zoon van Gerhard Wilhelm Stork(1695) en Agneta Potken. Hij huwt de 17 jaar jongere Henriëtta Rosina Dorothea von Döhren in 1772 in Weerselo.

Henriëtta Rosina Dorothea is geboren in 1754 in Oldenzaal, dochter van Raban Werner Friedrich von Döhren en Barbara Johanna Ruhlein.

Henriëtta Rosina Dorothea von Döhren en Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork krijgen 12 kinderen. Een aantal daarvan is waarschijnlijk vroeg overleden, omdat er maar van 8 gegevens zijn. De meeste gebeurtenissen spelen zich af in Oldenzaal.

  1. Gerrit Willem Stork (1773 - 1854, Weerselo), predikant te Weerselo tot 1838. Schoolopziener en markerigter van Dulder.
  2. Hendrik Wolfgang Stork (1774 - 1864)
  3. Frederik Stork (1778 - 1851), 'stadsdoctor' van Zutphen, gehuwd met Johanna Maus von Köhler.
  4. Frederik Carel Willem Stork (1782 - 1838)
  5. Agneta Stork (1784 - 1865)
  6. Sophia Juliana Elisabeth Stork (1786 - 1861)
  7. Derk Willem Stork (1788 - 1847)
  8. Maria Stork (1793 - 1871)
  9. Henriëtta Rosina Dorothea Stork (1796 - 1871)
Drie kinderen van Jurriaan Engelbert Stork. Vlnr: Gerrit Willem Stork (1773) en predikant in Weerselo, Frederik Carel Willem Stork (1782), en Henriëtta Rosina Dorothea Stork (1796).

Juriaan Stork overlijdt in 1823 in Oldenzaal op een leeftijd van 85 jaar, zijn vrouw 8 jaar later (1831) als ze 76 jaar oud is.

Juriaan Stork is o.a. directeur van het Postkantoor en collecteur der landsmiddelen oftewel ontvanger van belastingen in Oldenzaal. Hij wordt ook nog eens burgemeester en lid van den magistraat te Oldenzaal.

Bombazijnen mannenbroek van katoen met ingezette stukken (Nederlands Openluchtmuseum)

Bombazijn

Stork is ondernemend en begint In 1776 met G. W. Bringenberg, Jan Weeling (ook een voorvader, gehuwd met Storks zus Agneta), G. W. Weeling (vermoedelijk Weelings jonge zoon Gerrit Willem) en A. te Morse een fabriek voor bombazijn, een geweven textielstof uit lange wol, maar later van katoen en linnen vervaardigd. Het was sterk en had een geruwd achterzijde. Bombazijn werd vooral gebruikt voor voering, werkkleding en onderkleding.

De economische situatie is gunstig. In de tweede helft van de 18e eeuw had Twente een textielnijverheid, die grote overeenkomsten vertoonde met het Graafschap Bentheim en het Munsterland. De gemakkelijke bereikbaarheid van Duitse linnen garens en de opkomst van de bombazijn vormde een extra stimulans voor de ontwikkeling van de Twentse textielnijverheid. Dankzij de textielnijverheid, zowel in Duitsland als in Nederland, ontstond er een nauwe samenwerking tussen deze twee landen.

Henriëtta, Karel de Grote, en Willem van Oranje

Alle vier grootouders van Willem van Oranje (de Zwijger) zijn voorouders van Henriëtta Rosina Dorothea von Döhren, vrouw van Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737).

Henriëtta Rosina Dorothea von Döhren, de echtgenote van Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork, stamt af van Karel de Grote, niet eenmaal maar via 34 'lijntjes'. De stamboom voert terug via haar vader Raban Werner Friedrich von Döhren.

Interessanter is dat alle vier de grootouders (opa's en oma's) van Willem van Oranje (de Zwijger, 1533) ook tot haar voorouders behoren. Dit blijkt uit onderzoek van de historicus Wimersma Greidanus en gepubliceerd in De Nederlandsche Leeuw vol. 98 (1981).

Zie gerelateerde pagina's in Categorie Stolberg en Nassau

Derk Willem Stork (1788)

Anna Craan (1796) op hoge leeftijd. Ze zal 84 jaar oud worden.

Derk Willem Stork is geboren in 1788 in Oldenzaal, zoon van Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737) en Henriëtta Rosina Dorothea von Döhren.

In 1818 trouwt hij in Zutphen met Anna Craan, het enige kind van Cornelis Hendrik Craan en Johanna Georgia Maria Theresia Maus von Köhler. Anna is geboren in 1796 in Heumen en gedoopt in Kleve, Duitsland.

Johanna Maus von Köhler, moeder van Anna Craan, is in 1804 als weduwe hertrouwd met Frederik Stork, een 10 jaar oudere broer van Derk Willem Stork. Frederik Stork is 'stadsdoctor' van Zutphen. Johanna is een goede partij voor hem want zij is mede-erfgenaam van het Kasteel te Heumen, waar Anna Craan haar jeugd doorbracht.

Anna en Derk Willem wonen in Oldenzaal en krijgen 8 kinderen die de volwassenheid bereiken. Geboorten en overlijden vinden plaats in Oldenzaal tenzij anders vermeld:

De eerste vier kinderen van Anna Craan en Derk Willem Stork. Van links naar rechts: 1 Cornelis Hendrik (1820), 2 Charles Theodorus (1822 ), 3 Johanna Henriëtta (1824), 4 Anna Wilhelmina (Mina) (1826), ectgenote van Hendrik Jan Ekker.
De laatste vier kinderen van Anna Craan en Derk Willem Stork. Van links naar rechts: 1 Jurriaan Engelbert (1828), 2 Coenraad Craan (1829), 3 Frederika (1832), 4 Anna (1839).
  1. Cornelis Hendrik Stork (1820 - 1905, Almelo), huwt Catharina Elisabeth Ekker.
  2. Charles Theodorus Stork (1822 - 1895), huwt Alida Philippina Johanna Reincke de Sitter.
  3. Johanna Henriëtta Stork (1824 - 1870), gehuwd met Arnold Albert Willem van Wulfften Palthe (1816-1900). Haar bijnaam is "mooi Jetje".
  4. Anna Wilhelmina (Mina) Stork (1826 - 1902, Hengelo). Zij huwt Hendrik Jan Ekker
  5. Jurriaan Engelbert Stork (1828 - 1893, Hengelo), huwt Anna Josina van der Vies
  6. Coenraad Craan Stork (1829 - 1863), ongehuwd
  7. Frederika (Riekje) Stork (1832 - 1899), ongehuwd
  8. Anna Stork (1839 - 1908, Hengelo). Zij huwt Rudolf Adriaan de Monchy, die net als Anna's broer Charles Theodorus medegrondlegger is van industrieel Hengelo.
Portret van Johanna Henriëtta Stork (1824), het derde kind van Anna Craan en Derk Willem Stork met haar dochtertje Anna van Wulfften Palthe (1852-1926). Afbeelding; website van de Johan Philip Stork Stichting.

Derk Willem Stork overlijdt in 1847 in Oldenzaal op een leeftijd van 59 jaren. Anna Craan overlijdt 34 jaar later in 1881 in Oldenzaal op een leeftijd van 84 jaar.

Op de huwelijksacte wordt Derk Willem Stork als belastingontvanger vermeld, en elders ook rijksontvanger genoemd. Nadat hij een tijd directeur van het Oldenzaalse postkantoor is, exploiteert hij op latere leeftijd samen met anderen een kleine handweverij.

Ondernemende zonen

Als blijkt dat zijn zoon Charles Theodorus niet geschikt is voor het gymnasium, maar wel ondernemend, moedigt zijn vader hem aan fabrikant te worden. Op 14-jarige leeftijd leent zijn vader hem f 2.000,- waarmee Charles Theodorus zich kan vestigen als textielondernemer. Zijn broer Jurriaan Engelbert Stork (1828) en zijn toekomstige zwager Hendrik Jan Ekker (1830) zullen zijn compagnons worden; zie de paragraaf Weverijen en machines; een chronologie.

Het Storkenhuis in Oldenzaal, bewoond door drie generaties Storken; Derk Willem Stork, zijn vader en grootvader.

Een andere zoon, Coenraad Craan Stork, is werktuigbouwkundig ingenieur. In 1859 start hij, op initiatief van zijn oudere broer Charles Theodoor samen met de smid Meyling een kleine reparatiewerkplaats met gieterij te Borne onder de naam Stork & Meyling. Nauwelijks drie jaar later overlijdt Coenraad Craan aan een ernstige ziekte. Hij is pas 34 jaar oud.

Het Storkenhuis

Het Storkenhuis aan de markt te Oldenzaal is van ca. 1717 to 1838 bewoond geweest door drie generaties Storken; Derk Willem Stork, zijn vader Jurriaan Engelbert (Juriaan) Stork (1737) en zijn grootvader Gerhard Wilhelm Stork (1695).

In 1901 brandde het huis af, waarbij de steen van de geveltop op straat viel en in stukken brak. De steen is hersteld en later geplaatst op de 'De Koppelboer' in de Lutte bij Oldenzaal.

Fotogalerij Stork

Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Hulpmiddelen